persbericht Diaconie Amsterdam | vluchtkerk

De Vluchtkerk houdt op, maar de actie gaat door

Sinds begin december verblijft een groep van ruim 100 vluchtelingen in een voormalig kerkgebouw in Amsterdam-West. Aanstaande vrijdag 5 april loopt het contract tussen bewoners en eigenaar af. Daarmee komt een einde aan de winteropvang die door vrijwilligers aan de groep geboden werd. Paul van Oosten, directeur van de Diaconie, vindt het - net als zo'n 80 % van de Amsterdammers - nu tijd dat de gemeente haar verantwoordelijkheid neemt. 

De Vluchtkerk wilde de situatie van uitgeprocedeerde vluchtelingen zichtbaar maken voor de Nederlandse bevolking. De vrijwilligers, verenigd in Steungroep de Vluchtkerk, werkten daartoe samen met de Diaconie, de sociale tak van de Protestantse Kerk Amsterdam. Voorafgaand aan de Raadsvergadering van woensdag 3 april vindt Paul van Oosten dat de gemeente nu aan zet is en roept haar op om voor opvang te zorgen. 'De straat of de cel zijn niet de juiste plek om over je toekomst na te denken. Als de gemeente Amsterdam haar zorgplicht invult door voor bed, bad en brood te zorgen, dan zorgen vrijwilligers voor de rest. Dat heeft de Vluchtkerk wel aangetoond.' Van Oosten doelt op de honderden vrijwilligers en duizenden sympathisanten die zich bij de vluchtelingen betrokken hebben getoond. 'Elke woensdag werd door buren de was opgehaald, om een dag later schoon weer teruggebracht te worden. Er waren dagelijks medische en psychologische spreekuren. En dan zijn er nog de evenementen die met de vluchtelingen op touw gezet zijn. Er zijn zelfs drie kamerleden komen logeren. De Vluchtkerk is eigenlijk geen dag uit het nieuws geweest. Zo bleven de vluchtelingen zichtbaar.'

Van Oosten pleit ervoor om in de periode na 5 april de verblijfplaats los te koppelen van het protest van de vluchtelingen. 'Samen met de Steungroep en bijvoorbeeld het Mozeshuis willen we de bewoners dan ook een actiecentrum aanbieden, waar vanuit ze hun protest kunnen voortzetten. Dit zal geen verblijfplaats zijn, maar wel een plek om hun situatie op de maatschappelijke agenda te kunnen houden.'

Helpen waar geen helper is
Als er eind deze week geen nieuwe verblijfplaats is, zal de Diaconie blijven doen wat zij kan om de vluchtelingen bij te staan. Van Oosten: 'Het motto van onze organisatie is 'helpen waar geen helper is'. Voor de mensen die niet bij vrienden of familie terechtkunnen en bijvoorbeeld om gezondheidsredenen echt een dak boven hun hoofd nodig hebben, willen we met de Steungroep op zoek gaan naar tijdelijke verblijfplaatsen. We inventariseren deze week de behoefte daaraan en komen op basis daarvan in actie.'

Terugblikkend noemt de Diaconie de Vluchtkerk een schoolvoorbeeld van hoe een spontaan burgerinitiatief samen op kan trekken met een eeuwenoude institutie zoals zijzelf. 'Toen de Vluchtkerk begon wist niemand hoeveel geld er nodig zou zijn. Wij stonden garant voor alle uitgaven, omdat we deze groep vluchtelingen niet in de kou wilden laten staan. Uiteindelijk bedraagt de rekening voor vier maanden verblijf ruim 160.000 euro. Tot onze verbazing is het leeuwendeel van dit bedrag door vluchtelingen en vrijwilligers zelf opgehaald. We hoeven maar een klein bedrag aan te vullen.'


N.B.: Op www.vluchtkerk.nl/ontvangen staat een uitgebreide verantwoording van de wijze waarop de ontvangen gelden tot op heden zijn besteed.

Comments

Comment

Name:
E-mailaddress:
Reaction: